Spring naar inhoud

Circulariteit

Circulariteit

De vraag naar producten neemt wereldwijd toe, waardoor veel grondstoffen waarmee deze producten gemaakt worden, schaarser en duurder worden. Het wordt daarom steeds belangrijker om zuinig en slim met producten en grondstoffen om te gaan. 

Impacts, risico’s en kansen

Onze gesprekken met interne en externe stakeholders hebben geleid tot het inzicht dat de impact voor Gasunie met name op staal ligt. Het overgrote deel van onze infrastructuur bestaat uit staalcomponenten. Dit levert vanuit de dubbele materialiteitsanalyse de volgende impacts, risico’s en kansen op:

Nr. ESRS Materieel thema - ESRS IRO
6 E5 Instroom van grondstoffen en materialen, inclusief gebruik daarvan Werkelijke negatieve impact: Gasunie gebruikt grondstoffen, met name staal, om infrastructuur te gebruiken, onderhouden en bouwen. Vanwege onvoldoende beschikbaarheid van secundair staal is Gasunie genoodzaakt om primair staal/materiaal in te kopen. Dit gaat gepaard met een grotere ecologische voetafdruk voor grondstoffen en vervuiling binnen de upstream waardeketen. 
7 E5 Instroom van grondstoffen en materialen, inclusief gebruik daarvan Risico: Een verstoring in de toeleveringsketen door materiaalschaarste (bijvoorbeeld als gevolg van de Europese investering van EUR 800 mld in de defensie-industrie) en/of geopolitieke omstandigheden kan leiden tot hogere inkoopkosten voor staal.

Beleid

Gasunie conformeert zich aan het doel van de Nederlandse overheid om de Nederlandse economie vanaf 2050 volledig circulair te laten zijn. Dat is een economie waarin geen afval bestaat, waarin duurzame hernieuwbare grondstoffen worden gebruikt en waarbij producten en grondstoffen worden hergebruikt. Door circulariteit in onze bedrijfsvoering een plaats te geven, dragen we bij aan het reduceren van primair grondstoffenverbruik, voorkomen van afval en ondervangen we het risico dat de prijzen van grondstoffen in de toekomst stijgen door schaarste. 

Om stap voor stap te komen tot een volledig circulaire economie heeft de overheid ook een tussendoel geformuleerd: in 2030 gebruikt de samenleving gemiddeld 50% minder primaire grondstoffen zoals mineralen en metalen ten opzichte van 2014. Gasunie Nederland en Gasunie Duitsland onderschrijven dit. Onze ambitie is om in 2040 een 100% circulaire bedrijfsvoering te hebben.

De afgelopen jaren heeft Gasunie zich ingezet om verantwoord om te gaan met grondstoffen en materialen. We hebben onze circulaire inkoop vergroot en hergebruiken steeds vaker componenten die vrijkomen bij werkzaamheden aan diverse Gasunie-activa. Met het omarmen van circulariteit als materieel thema en het opnemen van het thema in de Gasunie duurzaamheidsstrategie (CSR-strategie) laten we zien dat we circulariteit in onze bedrijfsvoering en het gebruik van secundaire materialen willen vergroten. 

In onze eigen bedrijfsvoering zetten we in op levensduurverlenging en op het circulair ontwerpen van onze activa. We erkennen dat ons huidige beleid nog niet volledig aansluit op de impacts en risico’s en daarom nog niet volledig voorziet in het waarborgen van een duurzame instroom en behoud van waarde van staalmaterialen; mede omdat we onze ambities verder hebben aangescherpt. In 2025 zijn we begonnen met het ontwikkelen van een programma waarin we de mogelijkheden in kaart brengen om het circulair materiaalgebruik te vergroten. Door organisatieveranderingen beschikt Gasunie ook in 2025 nog niet over een volledig uitgewerkt circulariteitsprogramma. We gaan in 2026 dit programma vormgeven en onze voortgang monitoren aan de hand van een duidelijk basisjaar. De raad van bestuur ziet toe op de voortgang in het uitvoeren van bestaand beleid en het opstellen van nieuw beleid op het thema circulariteit.

Onze primaire focus bij het toepassen van de principes van de circulaire economie ligt op staal11. Het grootste deel van onze infrastructuur bestaat uit stalen producten zoals stalen pijpleidingen. Gezien de vele mogelijkheden voor circulair gebruik van deze productgroep, ziet Gasunie veel kansen om de negatieve impact en risico’s te voorkomen en bij te dragen aan een circulaire economie. Dat begint met het meedenken met de leverancier over hoe materialen en componenten met minder primaire grondstoffen toe kunnen. 

11 Hieronder vallen de producten pijpen, flenzen, afsluiters, bochten, T-stukken en verlopen.

Actieplannen

We hanteren de volgende aanpak: 

Herinzet activa (LT)

Tot 2030 willen we in Nederland en Duitsland vele honderden kilometers stalen gasleidingen, die overbodig worden door de dalende vraag naar aardgas, ombouwen tot waterstofleiding. Deze leidingen kunnen na herbestemming nog decennia in gebruik blijven. In de twee decennia na 2030 kunnen, bij een dalende vraag naar aardgas en een groeiende vraag naar waterstof, nog veel meer gasleidingen worden herbestemd. Bij ontmantelingsprojecten gaan we na of we onderdelen kunnen reviseren voor een nieuw leven binnen of buiten Gasunie (reverse logistics).

Inkoop (LT)

Om het circulariteitsgehalte van onze netwerkcomponenten inzichtelijk te maken, zijn onze inkopers actief in gesprek met leveranciers om te achterhalen hoe het staal in deze componenten is geproduceerd. De wijze van produceren geeft in de staalindustrie een goed beeld van het aandeel secundair materiaal dat in het staal is verwerkt. Om het exacte aandeel secundaire materiaal te achterhalen, vroegen wij voorheen grondstoffenpaspoorten op bij onze leveranciers. Tijdens deze exercitie ontdekten we echter dat binnen de staalmarkt de voorkeur uitgaat naar het gebruik van Environmental Product Declarations (EPD’s) boven grondstoffenpaspoorten. 

Doordat we zijn overgestapt van grondstofpaspoorten naar EPD’s, hebben we in 2025 meer inzicht gekregen in het totale aandeel secundair materiaal in de ingekochte netwerkcomponenten. Voor componenten waarvoor geen EPD beschikbaar was, hebben we via onze leveranciers achterhaald hoe het staal in deze onderdelen is geproduceerd. Hieruit blijkt dat meer netwerkcomponenten dan vooraf gedacht zijn vervaardigd met staal uit een elektrische boogoven — een productiemethode waarbij vrijwel uitsluitend secundair staal wordt gebruikt.

Middelen

Op dit moment werkt Gasunie aan een programma om het thema circulariteit verder handen en voeten te geven. We brengen onder andere in kaart welke middelen en investeringen er nodig zijn om de doelstellingen zoals opgenomen in de duurzaamheidsstrategie te behalen. 

Meetbare doelen

Ons doel is om initiatieven te starten die zo hoog mogelijk in het 10R-model van de MacArthur Foundation staan. Dit model beschrijft tien hiërarchische stappen in termen van circulariteit, van boven naar beneden. Hoe hoger de R, hoe hoger de circulariteitsscore:

  1. Refuse
  2. Re-duce (Verminderen)
  3. Re-design (Herontwerpen)
  4. Re-use (Hergebruiken)
  5. Repair (Repareren)
  6. Refurbish (Opknappen)
  7. Remanufacture (Herfabriceren)
  8. Repurpose (Herbestemmen)
  9. Recycle (Recyclen)

We zien bij Gasunie de 10e optie uit het MacArthur-model ‘Recover’ (Terugwinnen) niet als circulair. We streven ernaar dat al onze activa en componenten in het slechtste geval geschikt zijn voor recycling. We beschouwen een product of component als circulair als het voldoet aan een van de hoogste negen niveaus van het 10-R model. Alle doelen zijn gebaseerd op dit model en moeten de circulariteitsscore binnen Gasunie verhogen. 

Ons doel is om in 2040 100% circulair te zijn. Dit is sneller dan de doelstelling die Nederland heeft gesteld. Als tussentijds doel willen we in 2030 50% minder primaire staalgrondstoffen inkopen. Binnen het nieuwe circulariteitsprogramma stellen we aanvullende, specifieke doelstellingen vast, zodat we de voortgang ten opzichte van een nog te vast te stellen basisjaar nauwkeurig kunnen volgen. 

Gasunie koopt op jaarbasis significante hoeveelheden staal in. We werken samen met onze leveranciers om het gebruik van primaire grondstoffen te reduceren en de materiaalketen te sluiten. Een voorbeeld hiervan is de afronding in december 2025 van de gezamenlijke aanbesteding door Gasunie Nederland en Gasunie Duitsland voor de levering van onshore pijpleidingen. Bij de gunning speelde niet alleen de prijs-kwaliteitverhouding een rol, maar ook duurzaamheid. Zo kan het gebruik van secundaire schrootmaterialen in de staalproductie meer dan 80% CO2-reductie opleveren. In het op te zetten circulariteitsprogramma gaan we concrete doelen vaststellen met het oog op levensduurverlenging en product- en materiaalinnovatie. 

Realisatie van onze doelen

In 2025 waren we zowel in Nederland als in Duitsland aan het werk om de eerste delen van het beoogde waterstofnetwerk aan te leggen. In Nederland (waterstofnetwerk Rotterdam) gaat het om nieuwe pijpen. In Duitsland (Hyperlink-1) is eind 2025 171 kilometer (2024: 150 kilometer) aan aardgasleidingen geconverteerd naar waterstofleiding. 

De vergelijkende cijfers 2024 zijn als gevolg van foutherstel aangepast. In 2025 is vastgesteld dat bij het inboeken van een factuur ultimo 2024 een onjuiste hoeveelheid staalinkoop is verantwoord. De gerapporteerde hoeveelheid staal en het aandeel gerecyclede materialen in het jaarverslag 2024 zijn hierdoor als volgt verlaagd: totaalgewicht staal (in ton) van 21.216 naar 19.395 en de gerecyclede materialen (schroot) voor het ingekochte staal (in ton) van 2.801 (13,2%) naar 2.473 (12,8%).

In 2025 hebben we ook de berekeningsmethode van het aantal kilo staal verder kunnen verfijnen, omdat er betere data beschikbaar is gekomen en de extrapolatie per productcategorie is uitgevoerd. Deze extrapolatie heeft geleid tot een significante daling van de vergelijkende cijfers. In de Appendix Duurzaamheidsverklaring staan de gehanteerde uitgangspunten bij het berekenen van het aantal kilo’s staal. Op basis van deze nieuwe berekeningsmethodiek, zijn de vergelijkende cijfers aangepast van: 19.395 naar 13.528 en van 2.473 (12,8%) naar 1.700 (12,6%). 

Onze materiaalinstroom12 in 2025 is als volgt:

Materiaalinstromen 2025 - GU 2024 - GU
Totaalgewicht staal (in ton)  56.171   13.528 
     
Totaal  56.171   13.528 
Materiaalinstromen 2025 - GU 2024 - GU
Gerecyclede materialen (schroot) voor het ingekochte staal, absoluut (in ton) 12.716  1.700 
Gerecyclede materialen (schroot) voor het ingekochte staal, procentueel (%) 22,6% 12,6%

12 De verantwoorde data over totaalgewicht staal (in ton) en het gerecyclede materiaal (schroot) zijn berekend. Zie voor de Uitgangspunten berekening aantal kilo’s staal en gerecyclede materialen voor het ingekochte staal de Appendix Duurzaamheidsverklaring.

De stijging van het totaalgewicht staal (in ton) en de gerecyclede materialen (schroot) voor het ingekochte staal (absoluut en %) wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door de hoeveelheid ingekochte staal door GUD voor haar nieuwe pijpleiding (ETL 182) met een lengte van ongeveer 87 kilometer. Het percentage gerecyclede materialen (schroot) van deze inkoop is bepaald op basis van de aanwezige EPD.