Spring naar inhoud

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Aan: de aandeelhouder en raad van commissarissen van N.V. Nederlandse Gasunie

Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2025

Ons oordeel

Wij hebben de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2025 van N.V. Nederlandse Gasunie te Groningen gecontroleerd. De jaarrekening omvat de geconsolideerde jaarrekening en de vennootschappelijke jaarrekening.

Naar ons oordeel:

  • geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van N.V. Nederlandse Gasunie per 31 december 2025 en van het resultaat en de kasstromen over 2025 in overeenstemming met International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd binnen de Europese Unie (EU-IFRSs) en met Titel 9 Boek 2 BW;
  • geeft de vennootschappelijke jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van N.V. Nederlandse Gasunie per 31 december 2025 en van het resultaat over 2025 in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW.

De geconsolideerde jaarrekening bestaat uit:

  • de geconsolideerde balans per 31 december 2025;
  • de volgende overzichten over 2025: de geconsolideerde winst-en-verliesrekening, het geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht;
  • de toelichting met informatie van materieel belang over de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige toelichtingen.

De vennootschappelijke jaarrekening bestaat uit:

  • de vennootschappelijke balans per 31 december 2025;
  • de vennootschappelijke winst-en-verliesrekening over 2025;
  • de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.

De basis voor ons oordeel

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening.

Wij zijn onafhankelijk van N.V. Nederlandse Gasunie (hierna ook: Gasunie of de onderneming) zoals vereist in de Europese verordening betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van openbaar belang, de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA).

Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Informatie ter ondersteuning van ons oordeel

Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies.

Ons inzicht in N.V. Nederlandse Gasunie

N.V. Nederlandse Gasunie (de onderneming, of, tezamen met haar geconsolideerde deelnemingen, de groep) is een Europees energie-infrastructuurbedrijf. De voornaamste activiteit van Gasunie is het aanbieden van gereguleerde aardgastransportdiensten in Nederland en in Duitsland. Gasunie zet haar infrastructuur en kennis ook in voor verdere ontwikkeling en integratie van alternatieve energiebronnen en -dragers. Gasunie neemt eveneens deel in samenwerkingsverbanden voor transportleidingen die het Gasunie-transportnet verbinden met buitenlandse markten. Daarnaast biedt Gasunie ook andere diensten aan op het gebied van energie-infrastructuur. De inkomsten uit gereguleerde activiteiten van Gasunie Transport Services B.V. en Gasunie Deutschland Transport Services GmbH staan onder toezicht van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) in Nederland en de Bundesnetzagentur (BNetzA) in Duitsland. Daarnaast heeft Gasunie deelnemingen die infrastructuurdiensten aanbieden die niet gereguleerd zijn of die (vooralsnog) van regulering zijn vrijgesteld.

Wij hebben, op basis van de activiteiten van de groep en onze risicoanalyse, in onze controle bijzondere aandacht besteed aan de waardering van materiële vaste activa, de waardering van joint ventures en het frauderisico op opbrengstenverantwoording.

Wij hebben de materialiteit bepaald en de risico’s geïdentificeerd en ingeschat dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten, om in reactie op deze risico’s de controlewerkzaamheden te bepalen ter verkrijging van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Materialiteit
Materialiteit € 115 miljoen (afgerond) (2024: € 110 miljoen (afgerond))  
Toegepaste benchmark 1% van het totaal van de activa per 31 december 2025  
Nadere toelichting Wij hanteren het totaal van de activa als de benchmark voor het bepalen van de materialiteit, rekening houdend met de aard en omvang van de bedrijfsactiviteiten. Dit doen wij op basis van onze analyse van de belangrijkste informatiebehoeften van de gebruikers van de jaarrekening. De wijze waarop wij de materialiteit hebben bepaald, is niet gewijzigd ten opzichte van voorgaand boekjaar.  

Op basis van onze professionele oordeelsvorming hanteren wij voor de in de jaarrekening verantwoorde (operationele) transactiestromen en de daarmee samenhangende netto-omzet en kosten en balansposten anders dan de vaste activa een lager materialiteitsniveau dan voor de jaarrekening als geheel. Dit lagere materialiteitsniveau is vastgesteld op € 14 miljoen (2024: € 16 miljoen) hetgeen gebaseerd is op 3,75% van een vier jaar gemiddeld (2024: drie jaar gemiddeld) (genormaliseerde) resultaat voor belastingen. De wijziging van drie naar een vier jaar gemiddelde volgt op het feit dat Gasunie Transport Services een jaar langer de tijd heeft gekregen voor de verrekening van een deel van het overschot op de gereguleerde inkomsten van 2022 en 2023.

Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn.

Wij zijn met de auditcommissie van de raad van commissarissen overeengekomen dat wij tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven € 5,75 miljoen rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve redenen relevant zijn.

Reikwijdte van de groepscontrole

N.V. Nederlandse Gasunie staat aan het hoofd van een groep van entiteiten. De financiële informatie van deze groep is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening.

Wij zijn verantwoordelijk voor het plannen en uitvoeren van de groepscontrole om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsonderdelen binnen de groep als basis voor het vormen van een oordeel over de jaarrekening. Tevens zijn wij verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op, de beoordeling en de evaluatie van de controlewerkzaamheden die in het kader van de groepscontrole zijn uitgevoerd. Wij dragen de volledige verantwoordelijkheid voor onze controleverklaring.

Op basis van ons inzicht in de groep en haar omgeving, het van toepassing zijnde verslaggevingsstelsel en het interne beheersingssysteem van de groep, hebben wij risico’s op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening en de belangrijke posten en toelichtingen geïdentificeerd en ingeschat.

Op basis van deze risico-inschatting hebben wij de aard, timing en omvang van de uitgevoerde controlewerkzaamheden bepaald, inclusief de entiteiten of bedrijfsonderdelen binnen de groep (groepsonderdelen) waar controlewerkzaamheden worden uitgevoerd. Daarbij hebben wij rekening gehouden met de aard van de relevante gebeurtenissen en omstandigheden die aanleiding gaven tot de geïdentificeerde risico's op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening, het verband dat deze risico’s hebben met groepsonderdelen alsmede de materialiteit of de financiële omvang van groepsonderdelen ten opzichte van de groep.

Wij hebben de controlewerkzaamheden zelf uitgevoerd of de uit te voeren controlewerkzaamheden en geïdentificeerde risico's gecommuniceerd middels instructies aan accountants van groepsonderdelen. Wij hebben accountants van groepsonderdelen verzocht om aangelegenheden te communiceren met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel die relevant zijn voor het identificeren en inschatten van risico's.

Wij hebben:

  • zelf controlewerkzaamheden uitgevoerd met betrekking tot onderwerpen, zoals bijvoorbeeld waardering van materiële vaste activa en joint ventures en de waardering van de uitgestelde belastingvorderingen;
  • negen groepsonderdelen en zes joint ventures geselecteerd, waarbij controlewerkzaamheden in het kader van de groepscontrole zijn uitgevoerd, omdat wij een significant risico hebben geïdentificeerd op een afwijking van materieel belang in een of meer posten of toelichtingen.

Dit resulteerde in een dekking van 99% van het resultaat vóór belastingen, 98% van de opbrengsten en 99% van de totale activa. Voor andere groepsonderdelen hebben wij analytische procedures uitgevoerd ter bevestiging dat onze risicoanalyse en de reikwijdte van de groepscontrole gedurende de controle passend bleven.

Wij hebben locatiebezoeken afgelegd om te overleggen met het management en de accountant van het groepsonderdeel, de activiteiten te observeren, de risicoanalyse van de groep en de risico's op een afwijking van materieel belang te bespreken voor Gasunie Deutschland GmbH & Co. KG en Gasunie Deutschland Transport Services GmbH. Wij hebben de toereikendheid van de rapportages van accountants van de groepsonderdelen beoordeeld en geëvalueerd en waar nodig belangrijke werkdocumenten beoordeeld om risico’s op een afwijking van materieel belang te adresseren. Voor Gasunie Deutschland GmbH & Co. KG, Gasunie Deutschland Transport Services GmbH, Gate terminal-CV, German LNG Terminal GmbH, en Porthos Offshore Transport and Storage C.V. en Porthos Onshore Transport C.V. (onderdeel van de Porthos groep — joint venture) hielden wij planningsvergaderingen, tussentijdse vergaderingen die van belang waren gegeven de omstandigheden en hebben we afsluitende vergaderingen bijgewoond van het management en de accountant van het groepsonderdeel. Tijdens deze vergaderingen werden onder andere de planning, de uitgevoerde procedures op basis van de risicoanalyse, bevindingen en observaties besproken. Eventueel verdere controlewerkzaamheden die nodig werden geacht door de groepsaccountant of de accountants van groepsonderdelen, zijn bepaald en vervolgens uitgevoerd.

Door bovengenoemde werkzaamheden bij (groeps)onderdelen, gecombineerd met aanvullende werkzaamheden op groepsniveau, hebben wij voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de groep verkregen om een oordeel te geven over de jaarrekening.

Opdrachtteam en gebruikmaken van het werk van specialisten 

Wij hebben zorggedragen dat de opdrachtteams zowel op het niveau van de groep als op het niveau van de groepsonderdelen over de juiste kennis en vaardigheden beschikken die nodig zijn voor de controle van een organisatie van openbaar belang in de energie-infrastructuursector. Wij hebben in het opdrachtteam specialisten opgenomen op het gebied van IT-audit, forensische accountancy en belastingen. Daarnaast hebben wij eigen deskundigen ingeschakeld voor de controle van de waardering van de materiële vaste activa en pensioenen.

Onze aandacht voor klimaatrisico’s en de energietransitie

Klimaatverandering en de energietransitie bepalen in belangrijke mate de maatschappelijke agenda. Zaken als CO2-reductie hebben een impact op de financiële verslaggeving, omdat deze onder meer risico’s meebrengen voor de bedrijfsvoering, de waardering van activa en voorzieningen of de houdbaarheid van het bedrijfsmodel en toegang tot financiële markten van bedrijven met een grotere CO2-voetafdruk.

De raad van bestuur heeft N.V. Nederlandse Gasunie’s toezeggingen en verplichtingen samengevat, en rapporteert in sectie Governance van het bestuursverslag hoe de onderneming omgaat met klimaat-gerelateerde- en milieurisico’s. Verder verwijzen wij naar sectie Dit is Gasunie en sectie Financiële vooruitzichten van het bestuursverslag waarin de raad van bestuur haar beoordelingen en de plannen uiteengezet heeft met betrekking tot klimaat-gerelateerde risico’s en de effecten van de energietransitie.

Als onderdeel van onze controle van de jaarrekening, hebben wij geëvalueerd in hoeverre N.V. Nederlandse Gasunie bij schattingen en belangrijke veronderstellingen rekening houdt met klimaatrisico’s en de mogelijke effecten van de energietransitie en met de toezeggingen en feitelijke verplichtingen op dit gebied. Dit met name met betrekking tot aannames over de levensduur en bijbehorende afschrijvingstermijnen en bijzondere waardevermindering van materiële vaste activa en de waardering van haar belang in joint ventures alsmede in de opzet van relevante interne beheersmaatregelen. Verder hebben wij het bestuursverslag gelezen en overwogen of er een inconsistentie van materieel belang is tussen de beschreven niet-financiële informatie in Noot 3, “Dit is Gasunie” en de ontwikkelingen in de regulering in Noot 4, “Kerncijfers” en de financiële overzichten, waaronder toelichting 1. Significante aangelegenheden en gebeurtenissen en de jaarrekening. Wij beschrijven in de controleaanpak van het kernpunt Waardering van materiële vaste activa onze controlewerkzaamheden om in te spelen op het geïdentificeerde risico met betrekking tot de impact van de energietransitie.

Onze focus op fraude en het niet-naleven van wet- en regelgeving
Onze verantwoordelijkheid

Hoewel wij niet verantwoordelijk zijn voor het voorkomen van fraude of het niet-naleven van wet- en regelgeving en van ons niet verwacht kan worden dat wij het niet-naleven van alle wet- en regelgeving ontdekken, is het onze verantwoordelijkheid om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de jaarrekening als geheel geen afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing.

Onze controleaanpak met betrekking tot frauderisico’s

Wij hebben de risico’s geïdentificeerd en ingeschat op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening die het gevolg is van fraude. Wij hebben tijdens onze controle inzicht verkregen in Gasunie en haar omgeving, de componenten van het interne beheersingssysteem, waaronder het risico-inschattingsproces en de wijze waarop de raad van bestuur inspeelt op frauderisico’s en het interne beheersingssysteem monitort en de wijze waarop de raad van commissarissen toezicht uitoefent, alsmede de uitkomsten daarvan. Wij verwijzen naar hoofdstuk Governance van het jaarverslag, waarin de raad van bestuur zijn risicoanalyse heeft opgenomen na overweging van mogelijke frauderisico’s.

Wij hebben de opzet en de relevante aspecten van het interne beheersingssysteem en in het bijzonder de frauderisicoanalyse geëvalueerd alsook bijvoorbeeld de gedragswijzer, Speak Up Regeling en de incidentenregistratie. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd van interne beheersmaatregelen gericht op het mitigeren van frauderisico’s.

Als onderdeel van ons proces voor het identificeren van frauderisico’s, hebben wij frauderisicofactoren overwogen met betrekking tot frauduleuze financiële verslaggeving, oneigenlijke toe-eigening van activa en omkoping en corruptie in nauwe samenwerking met onze forensische specialisten. Wij hebben geëvalueerd of deze factoren een indicatie vormden voor de aanwezigheid van het risico op afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude.

In onze controle bouwen wij een element in van onvoorspelbaarheid. Ook hebben wij de uitkomst van andere controlewerkzaamheden beoordeeld en overwogen of er bevindingen zijn die aanwijzing geven voor fraude of het niet-naleven van wet- en regelgeving.

Wij houden rekening met het risico dat het management interne beheersmaatregelen kan doorbreken, aangezien dit risico in alle organisaties aanwezig is. Vanwege dit risico hebben wij onder meer geëvalueerd of de keuze en toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving door de onderneming en met name voor subjectieve waarderingsvraagstukken en complexe transacties, zoals toegelicht in de Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening onderdeel: Oordelen en schattingen door het management, waaronder de waardering van de vaste activa en de waardering van de voorziening voor opruimkosten, een indicatie vormen voor frauduleuze financiële verslaggeving.

Ook hebben wij data-analyse gebruikt om journaalposten met een verhoogd risico te signaleren en te toetsen evenals andere aanpassingen gemaakt in het proces van financiële verslaggeving. Wij hebben de zakelijke beweegredenen (of het ontbreken daarvan) beoordeeld van bijzondere transacties, waaronder die met verbonden partijen.

Wij zijn bij het identificeren en inschatten van frauderisico’s uitgegaan van de veronderstelling dat er bij de opbrengstenverantwoording frauderisico’s bestaan. Volgens onze inschatting geven zowel de omzet in de gereguleerde activiteiten als de niet-gereguleerde activiteiten binnen de groep aanleiding tot deze risico’s. Wij beschrijven in de sectie onze controleaanpak van het kernpunt frauderisico inzake opbrengstenverantwoording de controlewerkzaamheden om in te spelen op de veronderstelde frauderisico’s bij de opbrengstenverantwoording.

Wij hebben kennisgenomen van de beschikbare informatie en inlichtingen gevraagd bij leden van de raad van bestuur, management, de interne accountantsdienst, juridische zaken, compliance afdeling en de raad van commissarissen.

Uit de door ons geïdentificeerde frauderisico’s, ontvangen inlichtingen en andere beschikbare informatie volgen geen specifieke aanwijzingen voor fraude of vermoedens van fraude met een mogelijk materieel belang voor het beeld van de jaarrekening.

Onze controleaanpak met betrekking tot het risico van niet voldoen aan wet- en regelgeving

Wij hebben passende controlewerkzaamheden verricht inzake de naleving van de bepalingen van de relevante wet- en regelgeving die van directe invloed zijn op de verantwoorde bedragen en toelichtingen in de jaarrekening. Daarnaast hebben wij de omstandigheden ingeschat met betrekking tot het risico van niet-naleven van wet- en regelgeving waarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze van materiële invloed kunnen zijn op de jaarrekening, op basis van onze ervaring in de sector, door afstemming met de raad van bestuur, het lezen van notulen, het kennisnemen van rapporten van de interne accountantsdienst en compliance afdeling en het uitvoeren van gegevensgerichte werkzaamheden gericht op transactiestromen, jaarrekeningposten en toelichtingen.

Wij hebben verder kennisgenomen van advocatenbrieven en correspondentie met toezichthouders en zijn alert gebleven op indicaties voor een (mogelijke) niet-naleving gedurende de controle. Ten slotte hebben wij schriftelijk de bevestiging ontvangen dat alle bekende gebeurtenissen van niet-naleving van wet- en regelgeving met ons zijn gedeeld.

Onze controleaanpak met betrekking tot de continuïteitsveronderstelling

Zoals toegelicht in de Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening onderdeel: Continuïteit, is de jaarrekening opgemaakt op basis van de continuïteitsveronderstelling. Bij het opmaken van de jaarrekening heeft de raad van bestuur een specifieke beoordeling gemaakt van de mogelijkheid van de onderneming om haar continuïteit te handhaven en de activiteiten voort te zetten voor de voorzienbare toekomst. Wij hebben de specifieke beoordeling met de raad van bestuur besproken en professioneel-kritisch geëvalueerd.

Wij hebben overwogen of de specifieke beoordeling van de raad van bestuur op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, alle relevante gebeurtenissen en omstandigheden bevat waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de onderneming haar bedrijfsactiviteiten in continuïteit kan voortzetten. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen.

Op basis van onze werkzaamheden hebben wij geen materiële onzekerheden ten aanzien van de continuïteit of het hanteren van de continuïteitsveronderstelling door de raad bestuur geïdentificeerd. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat een onderneming haar continuïteit niet langer kan handhaven.

De kernpunten van onze controle

In de kernpunten van onze controle beschrijven wij zaken die naar ons professionele oordeel het meest belangrijk waren tijdens onze controle van de jaarrekening. De kernpunten van onze controle hebben wij met de raad van commissarissen gecommuniceerd, maar vormen geen volledige weergave van alles wat is besproken.

In vergelijking met voorgaand jaar, hebben wij geen relevante wijzigingen aangebracht in de aard van de kernpunten van onze controle. Wij hebben enkel een splitsing gemaakt in het kernpunt waardering van vaste activa naar waardering van materiële vaste activa en waardering van investeringen in joint ventures’. Dit is gedaan vanwege de specifieke karakteristieken van beide aspecten.

Waardering van materiële vaste activa
Risico De balans van N.V. Nederlandse Gasunie wordt gedomineerd door de vaste activa welke circa 82% van het balanstotaal vertegenwoordigen. Zoals toegelicht in noot 3 “Onderzoek naar bijzondere waardevermindering” van de Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening, staat de waardering van de vaste activa onder invloed van ontwikkelingen in de regulering voor het gastransport in Nederland en Duitsland alsmede van de bredere macro (economische) ontwikkelingen beïnvloed door onder andere de energietransitie en klimaatwetgeving. Bij de bepaling van waardering van de vaste activa maakt het management gebruik van parameters, veronderstellingen en schattingen. Door de intrinsiek hoge mate van subjectiviteit van schattingen bij de bepaling van de realiseerbare waarde, hebben we de waardering van de vaste activa als kernpunt van onze controle onderkend. De vaste activa betreffen grotendeels materiële vaste activa voor de gereguleerde activiteiten van Gasunie Transport Services B.V. (€ 6,3 miljard) en Gasunie Deutschland GmbH & Co KG (€ 2,0 miljard).

Daarnaast betreft dit materiële vaste activa van groepsmaatschappijen en overige deelnemingen in de van regulering vrijgestelde sector alsmede investeringen in joint ventures (€ 2,5 miljard), waaronder EnergyStock B.V., BBL Company V.O.F. en in toenemende mate WarmtelinQ Transport Services B.V. en Hynetwork Services B.V. Voor deze groepsmaatschappijen heeft de raad van bestuur op basis van haar onderzoek geen interne en externe aanwijzingen voor het bestaan van bijzondere waardeverminderingen geconstateerd.

De raad van bestuur heeft de waardering van het gastransportnetwerk in zowel Nederland (GTS) als in Duitsland (GUD) onderzocht. Dit naar aanleiding van wijzigingen in het regulatoire kader. Deze wijzigingen kunnen gevolgen hebben voor de toekomstige toegestane inkomsten en daarmee kan dit ook gevolgen hebben voor de waardering van het gastransportnetwerk per 31 december 2025. In beide landen worden de transporttarieven vastgesteld door een onafhankelijke toezichthouder (ACM respectievelijk BNetzA) en vormt het reguleringskader de basis voor de bepaling van de kasstromen en is daarmee ook mede bepalend voor de waardering van het gastransportnetwerk per 31 december 2025.

Voor de inschatting van de realiseerbare waarde heeft de raad van bestuur een inschatting gemaakt op basis van de bedrijfswaardeberekening (value-in-use-benadering), op basis van de verwachte toekomstige kasstromen van het gastransportnetwerk.

De belangrijkste veronderstellingen welke hierbij zijn gehanteerd zijn:
• De bepalingen vanuit het bestaande reguleringskader alsmede het toekomstige reguleringskader.
• Specifiek voor GTS is ook rekening gehouden met de bepalingen vanuit het sector breed akkoord tussen ACM, netbeheerders en representatieve organisaties.
• Specifiek voor GUD is ook rekening gehouden met de gevolgen van KANU 2.0 vanaf 2026, waarmee versnelde regulatoire afschrijving wordt toegestaan om restwaarderisico’s te beperken, in lijn met de Duitse klimaatdoelstelling.
• Specifiek voor GUD is ook rekening gehouden met het gegeven dat BNetzA vanaf 2028 een kapitaalkostenvergoeding zal vaststellen.

Op basis van de uitgevoerde bedrijfswaardeberekening heeft de raad van bestuur geconcludeerd dat de realiseerbare waarde van het gastransportnetwerk in Nederland hoger is dan de boekwaarde. Daarbij heeft de raad van bestuur ook overwogen of bijzondere waardeverminderingen uit het verleden teruggenomen moeten worden. Overeenkomstig de toelichting in Noot 3, “Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen” heeft de raad van bestuur geconcludeerd om geen terugname van bijzondere waardeverminderingen uit het verleden te verwerken.

Op basis van de uitgevoerde bedrijfswaardeberekening heeft de raad van bestuur geconcludeerd dat de realiseerbare waarde van het gastransportnetwerk in Duitsland lager (€ 140,7 miljoen) is dan de boekwaarde. Deze bijzondere waardevermindering is verwerkt in de winst- en verliesrekening van 2025.
Onze controleaanpak Onze werkzaamheden bestonden onder andere uit het evalueren of de door Gasunie gehanteerde grondslagen voor de waardering van de materiële vaste activa in overeenstemming zijn met IAS 16 “Materiële vaste activa” en IAS 36 “Bijzondere waardevermindering” van activa en of deze grondslagen en de gehanteerde modellen en veronderstellingen bij de bepaling van de waardering en het identificeren van een mogelijk bijzonder waardeverminderingsverlies of een terugname daarvan consistent zijn toegepast. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd van de relevante interne beheersingsmaatregelen in het proces van het opmaken van de jaarrekening gerelateerd aan de waardering van vaste activa.

Wij hebben verder volgende gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd:
• Evalueren van de overwegingen van de raad van bestuur inzake het onderzoek van indicaties voor bijzondere waardevermindering inclusief het beoordelen van de juistheid en volledigheid van de overwogen aspecten.
• Evalueren van de methodes en modellen welke door de raad van bestuur zijn gehanteerd op onder andere consistentie en geschiktheid.
• Inschakelen van onze eigen waarderingsspecialisten om ons te assisteren bij de controle van de waardering. Onze focus omvatte hierbij het evalueren van het werk van de managementspecialisten die door Gasunie zijn ingezet bij het bepalen van de waardering en het beoordelen van de belangrijkste veronderstellingen die in de waardering zijn opgenomen.
• Vaststellen dat de gehanteerde boekwaarde juist door de raad van bestuur is bepaald.
• Vaststellen van de redelijkheid van de door de raad van bestuur gehanteerde disconteringsvoet.
• Inspecteren en beoordelen van de impact van de regulatoire ontwikkelingen op het bestaande businessplan.
• Aansluiten van de gehanteerde efficiency op het reguleringskader.
• Inspecteren en beoordelen van de impact van de effecten van de sectorafspraken welke zijn gemaakt tussen ACM, GTS en marktpartijen.
• Inspecteren en beoordelen van de impact van de effecten van de nieuwe regulatoire besluitvorming door de Bundesnetzagentur (BNetzA) eind 2025 alsmede de toepassing van KANU 2.0 vanaf 2026.

Ten slotte hebben wij de gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening geëvalueerd
Belangrijke observaties Op grond van onze werkzaamheden achten wij het door de raad van bestuur uitgevoerde onderzoek naar bijzondere waardevermindering van de investeringen in joint ventures en in het bijzonder de waardering van EemsEnergy Terminal B.V. toereikend. Daarnaast achten wij op grond van onze werkzaamheden de door de raad van bestuur gehanteerde uitgangspunten in de bepaling van de realiseerbare waarde van haar belang in EemsEnergy Terminal B.V. aanvaardbaar.
Waardering van joint ventures
Risico Zoals toegelicht onder Noot 2, “Financiële informatie per segment” en Noot 7, “Investeringen in joint ventures”, blijft N.V. Nederlandse Gasunie investeren in haar joint ventures in het kader van de energietransitie. De investeringen in 2025 hebben voornamelijk betrekking op de belangen van Gasunie in Porthos en German LNG Terminal GmbH, welke noodzakelijk zijn voor de verdere ontwikkeling van de nieuwbouwprojecten CCS (Porthos) en de LNG-terminal van German LNG Terminal GmbH. Van de joint ventures hebben Gate terminal, EemsEnergyTerminal en Porthos een (kwantitatief dan wel kwalitatief) materiële invloed op het vermogen en resultaat van Gasunie.

De waardering van investeringen in joint ventures, is een kernpunt binnen onze controle vanwege de subjectieve aard van de gebruikte waarderingsveronder-stellingen en toenemende omvang van deze post (9% van het totale balanstotaal). Investeringen in joint ventures worden getoetst op bijzondere waardeverminderingen wanneer indicatoren hiervoor aanleiding geven. Tijdens onze controleplanning hebben wij samen met de raad van bestuur de reikwijdte van deze beoordeling vastgesteld. Deze omvatte onder meer de omvangrijke geplande investeringen in nieuwe energie-initiatieven, zoals waterstof, warmtenetten en CO₂-transport- en opslagsystemen, evenals LNG-projecten. De investeringen richten zich primair op Porthos en German LNG Terminal GmbH, met als doel de uitbreiding van de activiteiten binnen deze joint ventures te financieren.

Binnen de vastgestelde reikwijdte (in-scope joint ventures), heeft de raad van bestuur onderzoek gedaan naar interne en externe aanwijzingen voor het bestaan van bijzondere waardeverminderingen. Dit onderzoek omvatte de voornaamste kasstroom generende eenheden van de onderneming, waaruit dergelijke aanwijzingen niet zijn gebleken, behoudens voor het financiële belang in EemsEnergy Terminal B.V. Overeenkomstig hetgeen beschreven in Noot 3, “Onderzoek naar bijzondere waardevermindering” gaven aanpassing van de businesscase van EemsEnergy Terminal B.V. met betrekking tot de verlenging aanleiding voor een onderzoek naar de waardering.

Aangezien er eind 2025 geen direct vergelijkbare reële waarde beschikbaar was (bijvoorbeeld op basis van vergelijkbare transacties), heeft de raad van bestuur een waarderingstechniek toegepast die zoveel mogelijk is gebaseerd op marktgegevens (de income approach).

De belangrijkste veronderstellingen welke in het onderzoek naar de bijzondere waardevermindering van EemsEnergy Terminal B.V. zijn gehanteerd zijn:
• verlenging van de bestaande business case tot en met oktober 2036 (oorspronkelijk 2027);
• inschatting van de belangrijkste kosten en opbrengsten;
• toekomstige capaciteit van de terminal;
• gehanteerde disconteringsvoet.

Op basis van het uitgevoerde onderzoek heeft de raad van bestuur geconcludeerd dat de realiseerbare waarde van haar belang in EemsEnergy Terminal B.V. hoger is dan de boekwaarde daarvan. Derhalve is geen sprake van een bijzondere waardevermindering.
Onze controleaanpak Onze werkzaamheden bestonden onder andere uit het evalueren of de door Gasunie gehanteerde grondslagen voor de waardering van de investeringen in joint ventures in overeenstemming zijn met IAS 28, “Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures” en IAS 36, “Bijzondere waardevermindering” van activa en of deze grondslagen en de gehanteerde modellen en veronderstellingen bij de bepaling van de waardering en het identificeren van een mogelijk bijzonder waardeverminderingsverlies of een terugname daarvan consistent zijn toegepast. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd van de relevante interne beheersingsmaatregelen in het proces van het opmaken van de jaarrekening gerelateerd aan de waardering van vaste activa, waaronder investeringen in joint ventures.

Wij hebben verder de volgende gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd:
• Evalueren van de overwegingen van de raad van bestuur inzake het onderzoek van indicaties voor bijzondere waardevermindering.
• Evalueren van de methodes en modellen welke door de raad van bestuur zijn gehanteerd op onder andere consistentie en geschiktheid.
• Inschakelen van onze eigen waarderingsspecialisten om ons te assisteren bij de controle van de waardering. Onze focus omvatte hierbij het evalueren van het werk van de door Gasunie zijn ingezet bij het bepalen van de waardering en het beoordelen van de belangrijkste veronderstellingen die in de waardering zijn opgenomen.
• Vaststellen dat de gehanteerde boekwaarde juist door de raad van bestuur is bepaald.
• Vaststellen van de redelijkheid van de door de raad van bestuur gehanteerde disconteringsvoet.
• Inspecteren en beoordelen van de impact van de marktontwikkelingen op het bestaande businessplan.
• Inspecteren en beoordelen van de gehanteerde veronderstellingen door de raad van bestuur voor de verlenging van de business case na 2027 tot en met 2036.
• Beoordelen van de door de raad van bestuur gehanteerde uitgangspunten voor de belangrijkste kosten en opbrengsten van de terminal en de verwachte volumes.

Ten slotte hebben wij de gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening geëvalueerd.
Belangrijke observaties Op grond van onze werkzaamheden achten wij het door de raad van bestuur uitgevoerde onderzoek naar bijzondere waardevermindering van de investeringen in joint ventures en in het bijzonder de waardering van EemsEnergy Terminal B.V. toereikend. Daarnaast achten wij op grond van onze werkzaamheden de door de raad van bestuur gehanteerde uitgangspunten in de bepaling van de realiseerbare waarde van haar belang in EemsEnergy Terminal B.V. aanvaardbaar.
Frauderisico inzake opbrengstenverantwoording
Risico In 2022 en deels in 2023 was sprake van extreme marktomstandigheden waarbij de werkelijke netto-omzet de toegestane inkomsten (significant) oversteeg. In 2024 was reeds sprake van het omgekeerde effect en ook in 2025 is dit zichtbaar. De werkelijke gereguleerde opbrengsten zijn in zowel 2024 als 2025 lager dan de toegestane inkomsten. Daarom kunnen naar ons oordeel – in jaren met lage(re) inkomsten – prikkels zijn om inkomsten naar voren te halen, waardoor het risico bestaat dat de inkomsten te hoog worden verantwoord.

BBL Company V.O.F. en EnergyStock B.V. opereren in een niet-gereguleerde zakelijke omgeving waar doorgaans een prikkel aanwezig is om budgetten te halen of te overschrijden. Daarom identificeren we een risico van opbrengstenverantwoording met een tendentie om meer inkomsten te verantwoorden of door fictieve omzet op te voeren of omzet te verschuiven tussen boekjaren. De omzet is nader toegelicht in Noot 2, “Financiële informatie per segment” en Noot 29, “Netto-Omzet” van de jaarrekening.
Onze controleaanpak Onze werkzaamheden bestonden onder andere uit het evalueren of de door Gasunie gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot de opbrengstenverantwoording in overeenstemming zijn met IFRS 15, “Opbrengsten van contracten met klanten” en of deze grondslagen consistent zijn toegepast. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd, en voor zover wij noodzakelijk achten, de werking getoetst van de relevante interne beheersingsmaatregelen in het proces van opbrengstenverantwoording.

Wij hebben verder de volgende gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd:
• Testen van de juiste afgrenzing van de omzet per jaareinde om mogelijke verschuivingen van omzet te identificeren.
• Gebruikgemaakt van data-analyse om journaalposten en handmatige boeking met een verhoogd risico te signaleren gerelateerd aan de opbrengststromen uit gereguleerde activiteiten
• Testen van de stroom van transacties en de correlatie van omzet naar bankontvangsten door het gebruik van data-analyse om uitzonderingen in opbrengstenverantwoording van niet-gereguleerde activiteiten te identificeren, waaronder handmatige boekingen.

Ten slotte hebben wij de gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening geëvalueerd.
Belangrijke observaties Op grond van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn ons geen indicaties gebleken van onjuiste opbrengstenverantwoording door fouten of fraude.

Naleving vereisten van SBR Regelgevende Technische Standaard, inclusief XBRL-markering, niet gecontroleerd

Wij hebben de naleving van de vereisten van de Regelgevende Technische Standaard van het SBR-domein Handelsregister, waaronder de aangebrachte eXtensible Business Reporting Language (XBRL) markeringen, niet onderzocht en brengen daarover geen oordeel tot uitdrukking.

Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen andere informatie

Het jaarverslag omvat andere informatie naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij.

Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie:

  • met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat;
  • alle informatie bevat die op grond van Titel 9 Boek 2 BW is vereist voor het bestuursverslag (met uitzondering van het duurzaamheidsverslag) en de overige gegevens.

Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in Titel 9 Boek 2 BW en de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening.

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het bestuursverslag en de overige gegevens in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW.

Beschrijving van verantwoordelijkheden voor de jaarrekening

Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur en de raad van commissarissen voor de jaarrekening

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met EU-IFRSs en met Titel 9 Boek 2 BW. In dit kader is de raad van bestuur verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die de raad van bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.

Bij het opmaken van de jaarrekening moet de raad van bestuur afwegen of de onderneming in staat is om haar werkzaamheden in continuïteit voort te zetten. Op grond van genoemd verslaggevingsstelsel moet de raad van bestuur de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de raad van bestuur het voornemen heeft om de onderneming te liquideren of de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. De raad van bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de onderneming haar bedrijfsactiviteiten in continuïteit kan voortzetten, toelichten in de jaarrekening.

De raad van commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de onderneming.

Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening

Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel.

Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten ontdekken.

Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.

Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. De sectie Informatie ter ondersteuning van ons oordeel hierboven, bevat een informatieve samenvatting van onze verantwoordelijkheden en de uitgevoerde werkzaamheden als basis voor ons oordeel.

Onze controle bestond verder onder andere uit:

  • het in reactie op de ingeschatte risico’s uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de onderneming;
  • het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door de raad van bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan;
  • het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen;
  • het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.
Communicatie

Wij communiceren met de raad van commissarissen onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing.

In dit kader geven wij ook een verklaring aan de auditcommissie van de raad van commissarissen op grond van artikel 11 van de Europese verordening betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van openbaar belang. De in die aanvullende verklaring verstrekte informatie is consistent met ons oordeel in deze controleverklaring.

Wij bevestigen aan de raad van commissarissen dat wij de relevante ethische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd. Wij communiceren ook met de raad van commissarissen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.

Wij bepalen de kernpunten van onze controle van de jaarrekening op basis van alle zaken die wij met de raad van commissarissen hebben besproken. Wij beschrijven deze kernpunten in onze controleverklaring, tenzij dit is verboden door wet- of regelgeving of in buitengewoon zeldzame omstandigheden wanneer het niet vermelden in het belang van het maatschappelijk verkeer is.

Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten

Benoeming

Wij zijn door de raad van commissarissen op 12 oktober 2022 benoemd als accountant van N.V. Nederlandse Gasunie vanaf de controle van het boekjaar 2023 en zijn sinds dat boekjaar tot nu toe de externe accountant.

Geen verboden diensten 

Wij hebben geen verboden diensten geleverd als bedoeld in artikel 5, lid 1 van de Europese verordening betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van openbaar belang.

Groningen, 5 maart 2026

EY Accountants B.V.

w.g. J.J. Kooistra RA